Weer op de plaat

Diefstal en landlooperij waren de meest voorkomende "overlasten voor de bevolking" waar voor de misdrijfpleger een tuchthuisstraf van al gauw 5 jaar of meer werd opgelegd. Door armoede en geen vooruitzichten naar een beter leven vielen deze mannen na hun vrijlating gemakkelijk terug in hun oude levensstijl. Weer met de "harde hand van de wet" in aanraking te komen was hierdoor onvermijdelijk.  Het had een nieuwe tuchthuisstraf tot gevolg wat na hun vrijlating weer resulteerde in een glasplaat. In onze collectie hebben wij zulke glasplaten gevonden en aan een naam kunnen koppelen. Ze zijn hieronder op een rijtje gezet.


Wouter Johannes van Brenk

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1887
ontslag 1887


Hendrik van Dijk

ontslag 1885
ontslag 1885
ontslag 1891
ontslag 1891


Hendrikus van der Haring

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1887
ontslag 1887


Joost Hoogesteger

ontslag 1884
ontslag 1884
ontslag 1889
ontslag 1889


Freerk Kappelhof

ontslag 1882
ontslag 1882
ontslag 1885
ontslag 1885


Daniel Johannes Kiepke

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1893
ontslag 1893


Pieter Langbeek

ontslag 1885
ontslag 1885
ontslag 1888
ontslag 1888


Eise Pijl

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1893
ontslag 1893


Jacob van der Plas

ontslag 1882
ontslag 1882
ontslag 1887
ontslag 1887


Johan Hendrik Röhde

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1889
ontslag 1889


Pieter de Vries

ontslag 1882
ontslag 1882
ontslag 1892
ontslag 1892


Cornelis Wieringa

ontslag 1883
ontslag 1883
ontslag 1885
ontslag 1885


Dirk Jans Wiersma

ontslag 1884
ontslag 1884
ontslag 1887
ontslag 1887